|
Het Nationaal
Koopvaardijmonument is opgericht ter nagedachtenis aan de meer dan
3500 burgeropvarenden die het leven lieten bij de ondergang van
bijna 500 Nederlandse koopvaardijschepen tijdens de Tweede
Wereldoorlog.
Het oorspronkelijk ontwerp van de beeldhouwer A. Carasso bestond uit
niet meer dan een boeg en de boeggolven.
Het was een monument van grote symbolische betekenis, waarbij
"grote" ook letterlijk genomen kan worden, want het beeld kreeg in
de visie van Carasso gigantische afmetingen.
Je ziet dat eigenlijk pas goed als je er werkelijk recht onder
staat. De Boeg is 45 meter hoog. Bij het nader uitwerken van de
plannen werd besloten, het monument te verrijken met een 8 meter
hoge beeldengroep aan de voet. Deze beeldt solidariteit en redding
uit.
Gezien de afmetingen moest het beeld ook technisch doorgerekend
worden, opdat het tegen alle te verwachten omstandigheden zoals
windbelastingen opgewassen zou zijn. Dat gebeurde door een
Bouwcommissie - bekende namen in Rotterdam: ir A. Aronsohn, H.A. Maaskant
en ir C. van Traa.
Zij hebben een tamelijk grote invloed gehad op de definitieve vorm
en bouwwijze. De boeg bestaat uit een staalconstructie, bekleed met
zware aluminium platen; de boeggolven zijn gestort in gewapend
beton. |
|
Het
fundament van het monument staat in de waterkering en dat zorgde
voor wat problemen bij de bouw. Dat komt, die waterkering werd
tussen 1954 en 1957 stevig verhoogd, terwijl tegelijkertijd in de
mond van de Leuvehaven een grote keersluis gebouwd werd.
De Boeg zelf werd vervaardigd bij de Rotterdamse Droogdok Mij en
kwam in 1956 klaar. Het fundament was al in 1955 gereed. Iedereen
die bij het monument betrokken was, wilde nu wel eindelijk 'ns tot
de oprichting en als het even kon onthulling overgaan - het project
liep inmiddels bijna 10 jaar.
Alleen - de keersluis was net in uitvoering en er liep een
noodkanaal naar de Leuvehaven buiten om het monument heen, dat
daardoor dus op een eilandje stond, tussen het kanaal en de bouwput
van de sluis .... Onthulling zou dus slechts op afstand plaats
kunnen vinden. De beeldengroep was trouwens ook nog niet klaar, maar
dat was logisch, die was pas in 1953 bedacht.
Men besloot niet te wachten met de onthulling. In april 1957 kwam
Prinses Margriet er voor naar Rotterdam, het was haar eerste
ceremoniële daad in Rotterdam. Ze heeft er een zilveren boeg als
presse-papier aan overgehouden. De handeling bestond uit het
overhalen van een - blinkend gepoetste - scheepstelegraaf van de "Erasmus"
van de Spido, waarmee het gezelschap zich ter plaatse had begeven.
Het geluid van de telegraaf werd electronisch versterkt en zie, toen
het uit de luidsprekers op de kade schalde, viel een doek dat de
spreuk "Zij hielden koers" aan de voet van het monument bedekt had,
netjes opzij. Waarna de nodige toasts en toespraken konden volgen.
De definitieve voltooiing van het monument liet nog even op zich
wachten. Pas in 1965 werd - zonder verder ceremonieel - de
beeldengroep aan de voet geplaatst. |